8 oktober 2016 - Ede

Verslagen

Op 8 oktober vond er een Hematondag plaats voor een heel brede doelgroep aan patiënten: mensen met hodgkinlymfoom, indolente of agressieve non-hodgkinlymfomen, waldenström, CLL, MDS, AML of HCL, mensen in de wait-and-seefase en jongere patiënten. Voor deelnemers waren er presentaties over alle aandoeningen en een keur aan workshops.

Deze Hematondag was een voorloper van de nieuwe Hematondagen, die volgend jaar georganiseerd worden. Die dagen worden niet meer per aandoening, maar per regio georganiseerd. De Hematondag op 8 oktober liet zien dat zo'n aanpak werkt: de dag kreeg een hoge waardering van bezoekers.

De Hematonredactie vroeg de inleiders van de ochtend naar het belangrijkste nieuws, dat ze hun toehoorders vertelden.

Wouter Plattel, UMCG, over 'Hodgkinlymfoom: huidige dilemma’s, nieuwe ontwikkelingen en toekomst'

'De behandeling van hodgkin is de laatste dertig jaar zodanig verbeterd dat de overlevingskans op dit moment goed is. Nu is de uitdaging om de schade van de behandeling te verminderen. We selecteren patiënten op hun risicoprofiel en proberen hen de minst schadelijke behandeling te geven. Tijdens die behandeling kijken we met de pet-scan of de patiënt goed reageert. Is dat het geval, dan hoeven we niet uit te breiden naar een intensievere behandeling.

Een tweede ontwikkeling is dat er voor het eerst sinds twintig jaar nieuwe medicijnen aankomen: brentuximab-vedotin. Dat is chemotherapie gekoppeld aan een slim antilichaam, dat ervoor zorgt dat de chemo echt bij de kankercel wordt afgeleverd. Daardoor is het middel effectiever, richt het minder schade aan en zijn er dus minder bijwerkingen. Mensen die nu de diagnose of een recidief krijgen, zullen met dit middel in aanraking komen. Op dit moment is het echter alleen nog beschikbaar voor mensen die een recidief krijgen na een stamceltransplantatie.

De laatste nieuwe ontwikkeling is het gebruik van een speciale biomarker, een eiwit waarmee je de ziekteactiviteit kunt meten in het bloed. Het middel komt uit onze eigen Groningse keuken. We gebruiken het om de tumoractiviteit te meten, vooral tijdens de behandeling en de follow-upfase.'

Sanne Tonino, AMC, over 'Behandeling van indolent non-hodgkinlymfoom anno 2016'

'In de behandeling zal steeds meer gebruik gemaakt worden van het eigen immuunsysteem. We noemen dat immuuntherapie. Het grootse deel is nog in onderzoek. De eerste vormen komen binnen een paar jaar beschikbaar. Heel belangrijk worden zogenaamde CAR-T-cellen. CAR-T-cellen zijn gemanipuleerde T-cellen van de patiënt zelf. Ze worden in het laboratorium 'geprogrammeerd' om de tumor op te ruimen. Daarna krijgt de patiënt de cellen terug. Binnen nu en twee jaar komen de eerste middelen beschikbaar die gebruik maken van immuunsysteem. De CAR-T-cellen zullen nog iets langer op zich laten wachten. Ze zijn al wel beschikbaar in studies. Veel van die middelen zijn veel eleganter dan chemo. Ze geven minder late gevolgen, betere genezing en uiteindelijk zelfs genezing voor ziekten die nu nog niet te genezen zijn.'

Josée Zijlstra, VUmc, over 'Agressief non-hodgkinlymfoom'

'In mijn presentatie ben ik uitgegaan van de HOVON-84-studie. Daaraan hebben zeshonderd patiënten meegedaan. De resultaten daarvan zijn al wel gepresenteerd op internationale congressen, maar nog niet aan patiënten. In de studie werd onderzocht of een extra toevoeging van rituximab aan de huidige standaardbehandeling van chemotherapie en rituximab, zorgt voor een effectievere bestrijding van de kanker. De studie wees uit dat het toevoegen van rituximab geen effect had op de overleving. Wel hadden oudere patiënten iets vaker infecties.

Wat er nu nog in het onderzoek gedaan wordt, is de pet-scans bekijken die van alle mensen zijn gemaakt. Zo proberen de onderzoekers te bepalen of en hoe de pet-scans ingezet kunnen worden om beter te bepalen wie welke behandeling moet krijgen. Dus hoe we de effectiviteit en de efficiëntie van de behandeling kunnen vergroten.'

Evert-Jan de Kruijf, Ziekenhuis Gelderse Vallei, over 'Waldenström'

'In mijn presentatie heb ik het vooral gehad over klachten tijdens de wait-and-seefase bij waldenström. Ik heb er bewust voor gekozen om het daarover te hebben in plaats van over nieuwe behandelingen. Bij waldenström is de tijd die je behandeld wordt steeds vrij kort. Daartussendoor zit een lange tijd van 'niksdoen'. Daar hebben mensen dus veel meer mee te maken.

Waldenström is een andere soort ziekte dan gewone lymfklierkanker, omdat ze met veel bijzondere verschijnselen gepaard gaat. Ik heb er vier benoemd: vermoeidheid, neuropathie, circulatiestoornissen en terugkerende infecties. Van alle vier deze verschijnselen hebben we besproken hoe ze veroorzaakt worden en vooral wat je eraan kunt doen. Met medicijnen, maar ook met behulp van zelfmanagement: wat kun je zelf doen? Er was veel tijd om tips-and-tricks uit te wisselen met de patiënten, maar ook tussen patiënten onderling.' 

Arnon Kater, AMC, over 'CLL'

'Op dit moment komen er veel nieuwe middelen aan. De plaatsbepaling daarvan is best lastig. Of ze in alle gevallen beter zijn, is nog niet helemaal duidelijk. Recente studies hebben aangetoond dat de 'ouderwetse' combinatie van chemotherapie met een antistof (FCR) bij een deel van de patiënten langdurig effect geeft.

Daarom is het nog niet zo dat we zeggen: geef iedereen maar zo snel mogelijk die nieuwe middelen. Binnen de HOVON-studies onderzoeken we of de nieuwe chemovrije behandelvormen per se beter zijn.

Op dit moment zijn er drie HOVON-studies open voor CLL-patiënten. Een voor jonge patiënten die nog niet eerder behandeld zijn, een voor oudere patiënten die nog niet eerder behandeld zijn en een voor patiënten met een recidief (bij wie de ziekte na behandeling is teruggekomen). We proberen ervoor te zorgen dat er in elke regio een ziekenhuis is waarin patiënten aan deze studies mee kunnen doen.

Dat was de eerste belangrijke boodschap tijdens mijn presentatie. De tweede ging over een nieuw veelbelovend middel, venetoclax. Dit middel beïnvloedt de overleving van de specifieke leukemiecel. Het remt het eiwit dat ervoor zorgt dat de cel niet spontaan doodgaat. Dit middel gaat veranderingen geven in de behandeling van CLL. Buiten studies nog niet, maar daarbinnen wel.

Tot slot hebben we besproken dat er nog geen studies zijn die laten zien dat het zinvol is om CLL te behandelen voordat er klachten zijn. Wel is het belangrijk, zeker omdat er zo veel studies zijn, om behandeld te worden in een ziekenhuis dat overleg heeft met een expertisecentrum op het gebied van CLL.

Gerwin Huls, UMCG, over 'MDS-AML'

De belangrijkste nieuwigheid gaat over de behandeling van MDS met ringsideroblasten. Binnenkort start een studie met het middel luspatercept. Resultaten uit eerder onderzoek suggereren dat het middel voor de subgroep MDS een belangrijke ontwikkeling is. Daarnaast hebben we de lopende HOVON-studies naar hoogrisico-MDS en EORTC-studies besproken: wat houden ze in en wie kan er nog aan mee doen?

Rogier Mous, UMCU, over 'HCL'

'Hairy-cellleukemie is een heel zeldzame ziekte, die goed te behandelen is. Dat gebeurt tot nu toe met chemotherapie, waarbij meer dan de helft van de mensen na tien jaar nog ziektevrij is. Voor een ander deel geldt dat helaas niet. Een interessante nieuwe ontwikkeling is een behandeling met antistoffen: immuuntherapie. Het gaat om een middel dat vergelijkbaar is met rituximab, maar aan het bewuste middel zit nog een gifstofje, BL22, dat de kankercel dood maakt. De laatste studie naar dit middel is begin dit jaar afgerond en de resultaten worden eind dit jaar of begin dit jaar bekend. En dan hoop ik dat het snel op de markt komt.'

Ariën Hilhorst, Instituut voor Hyperbare Geneeskunde, over 'Hyperbare zuurstoftherapie'

'Hyperbare zuurstoftherapie is effectief bij late bestralingsklachten: beschadiging aan de huid, onderhuids weefsel, spieren of slijmvliezen. Het wordt steeds meer toegepast. Het gaat om een relatief onbekende behandelwijze, maar steeds meer mensen maken er gebruik van. De behandeling wordt volledig vergoed vanuit de basisverzekering voor late bestralingsklachten. De essentie van de behandeling is dat de patiënt onder druk (2,5 bar) 100% zuurstof inademt.'

Meest gelezen

Meest recente artikelen