Nieuws

CML-patiënten met mislukte stoppoging: doe mee aan onderzoek

Het VUmc zoekt voor twee nieuwe onderzoeken CML-patiënten die na een mislukte stoppoging weer minstens een jaar medicijnen (TKI's) gebruiken. Het maakt niet uit welke TKI ze gebruiken. Na twee jaar kijken de onderzoekers of de patiënten opnieuw kunnen stoppen met de medicijnen.

Jeroen Janssen

Uit groot Europees onderzoek (EURO-SKI) blijkt dat bij ongeveer de helft van de patiënten die stopt met medicatie de CML in remissie blijft (de kanker is dan niet meer aan te tonen). Helaas heeft de andere helft van de patiënten meestal binnen een half jaar na het stoppen de ziekte weer terug. Voor deze laatste groep zijn de nieuwe onderzoeken bedoeld. In de DASTOP2-studie slikken patiënten twee jaar dasatinib (Sprycel) en in de NAUT-studie nilotinib (Tasigna). Als de ziekte weer goed onderdrukt is, kunnen zij opnieuw met de behandeling stoppen.

Twee doelen

De studies hebben twee doelen. Ten eerste wordt onderzocht of een tweede stoppoging zinvol is. Het tweede doel is onderzoeken of het succes van het stoppen samenhangt met de activiteit van het immuunsysteem. Zo kan mogelijk voorspeld worden of een stoppoging kans van slagen heeft.

Deelname

Iedereen die een keer gestopt en teruggevallen is kan meedoen, het maakt niet uit welke TKI je slikt. Voor en na het onderzoek wordt een paar keer extra bloed afgenomen, ook nadat je stopt met de behandeling. Je kunt voor de behandeling in je eigen ziekenhuis terecht, maar in het kader van het onderzoek moet je een aantal keren naar het VUmc in Amsterdam komen. In 2018 gaat er nog een aantal andere centra in het land meedoen die misschien dichter bij jouw woonplaats zijn.

Val je onder de doelgroep en heb je interesse, bel Jeroen Janssen, internist-hematoloog in het VU medisch centrum: 020-444 22 30 of stuur hem een e-mail: j.janssen@vumc.nl.

Beeld: Harold van Beele