Leeftijd en allogene stamceltransplantatie bij AML

Japans onderzoek toont aan, dat er geen verband is tussen leeftijd en het slagen van een allogene stamceltransplantatie met een minder intensieve voorbehandeling.

Voorafgaand aan een allogene stamceltransplantatie krijgt de patiënt eerst een zware chemotherapie, die de eigen stamcellen uitroeit en de afweer volledig lamlegt. Hoe ouder de patiënt is, hoe moeilijker hij deze behandeling verdraagt. Daarom kan een leeftijd boven de 65 jaar reden zijn om van een allogene stamceltransplantatie af te zien.

In Japan is nu een terugkijkend onderzoek uitgevoerd naar de combinatie van leeftijd en allogene stamceltransplantatie. Het gaat om stamceltransplantaties, waarbij een minder intensieve behandeling gebruikt wordt om stamcellen en afweercellen van de patiënt uit te schakelen. De 757 in de studie opgenomen patiënten waren ouder dan 50 jaar en hadden acute myeloïde leukemie. Ze werden in vier groepen ingedeeld: tussen 50 en 54 jaar, tussen 55 en 60 jaar, tussen 61 en 65 jaar en ouder dan 65 jaar.

In de vier leeftijdsgroepen werden geen belangrijke verschillen gevonden wat betreft de totale overleving na drie jaar en de sterfte die niet het gevolg was van teruggekeerde leukemie. Met andere woorden: een hogere leeftijd vormt geen beletsel voor een allogene stamceltransplantatie met een minder intensieve voorbehandeling.

Dit neemt niet weg, dat er bij elke patiënt op leeftijd wel degelijk individuele belemmeringen kunnen zijn die tegen een allogene stamceltransplantatie pleiten.

Bron: American Journal of Hematology

Meest gelezen

Meest recente artikelen