Chronische myeloïde leukemie (CML)

Bij mensen met chronische myeloïde leukemie (CML) gaat er bij het maken van bloedcellen in het beenmerg iets mis. De kern van een stamcel raakt beschadigd.

CHRONISCH MYELOIDE LEUKEMIE CML

Daardoor gaan de witte bloedcellen in het beenmerg veel te snel delen en komen er te veel cellen in de bloedbaan terecht. En dat leidt tot ernstige gezondheidsproblemen. Zonder behandeling gaat CML uiteindelijk, in de loop van een aantal jaren, over in acute leukemie (ook wel blastencrisis genaamd). Deze ziektevariant is erg moeilijk te behandelen en heeft vaak een fatale afloop.  Een blastencrisis kan ook ontstaan als de CML ongevoelig wordt voor de behandelingen.

Komt CML vaak voor?

CML is een zeldzame ziekte. In Nederland zijn er per jaar zo'n 165 nieuwe gevallen. Omdat de vooruitzichten verbeterd zijn, blijven patiënten met CML langer leven en neemt het totaal aantal mensen met CML steeds verder toe. Momenteel zijn er ongeveer 2.500 mensen met CML in Nederland. De ziekte komt op alle leeftijden voor, hoewel relatief vaker bij oudere mensen.

Risicofactoren

Anders dan bij enkele andere kankersoorten zijn er weinig risicofactoren voor het ontstaan van CML bekend. Er is geen verband gevonden met bijvoorbeeld roken, drinken of andere ongezonde gewoonten. Ben je vanwege een eerdere kanker behandeld met radioactieve straling of chemotherapie, dan is de kans op het ontstaan van CML wel groter.

Erfelijkheid

CML wordt veroorzaakt door een fout in het erfelijk materiaal (DNA) van een bloedstamcel. Door onbekende oorzaak gaat er iets mis tijdens de celdeling. Daardoor ontstaat een afwijkend chromosoom, het Philadelphiachromosoom met een abnormaal gen: BCR-ABL. Dit nieuwe gen produceert een eiwit, dat de witte stamcel aanzet tot voortdurende celdeling. Het Philadelphiachromosoom kan alleen aangetoond worden in het beenmerg. 

Deze verandering zit niet in andere lichaamscellen en dus ook niet in de geslachtscellen. Dat betekent dan ook dat de ziekte niet erfelijk is: de chromosoomverandering in de beenmergcellen bij CML wordt dus niet doorgegeven aan volgende generaties. Het kan wel zo zijn dat bij meerdere personen in een familie leukemie voorkomt. We spreken dan niet van een erfelijke factor, maar mogelijk is er dan sprake van een verhoogde gevoeligheid voor het ontwikkelen van leukemie.

Geen Philadelphiachromosoom

Zo af en toe wordt bij een CML-patiënt géén Philadelphiachromosoom gevonden, terwijl wél een uitwisseling van materiaal tussen het 9e en 22e chromosoom heeft plaatsgevonden en ook het BCR-ABL-genproduct geproduceerd wordt. We noemen dit een 'gemaskeerd' Philadelphiachromosoom. Dit maakt overigens heel weinig uit: de patiënten met een 'gemaskeerd' Philadelphiachromosoom hebben dezelfde uitingen van ziekte en reageren hetzelfde als anderen op de behandeling.

CMyLife

Online platform voor mensen met CML

CMyLife is een online platform voor mensen met CML en hun naasten, andere betrokkenen en zorgverleners. Op dit moment bestaat het platform onder meer uit een website met informatie over de behandeling van de ziekte en het leven met CML, ondersteund door filmpjes. Je vindt er bijvoorbeeld een patiëntvriendelijke vertaling van de behandelingsrichtlijn, die hematologen in Nederland met elkaar afgesproken hebben. Zo kun je zelf mee in de gaten houden of jouw behandeling volgens de richtlijn verloopt.

Verder kun je op de site vragen stellen, die beantwoord worden door hematologen. Een deel van het platform bestaat uit een beveiligd lotgenotenforum, waar je in contact kunt komen met andere CML-patiënten.

KLACHTEN EN SYMPTOMEN

Soms wordt CML gevonden, zonder dat de patiënt klachten heeft.  Bijvoorbeeld omdat bloedonderzoek wordt gedaan voor een keuring. Meestal echter heb je wel klachten, maar die zijn vaak algemeen van aard en niet specifiek kenmerkend voor CML. Omdat de aandoening zo zeldzaam is, denkt niet elke arts meteen aan CML. Vaak ontstaan de klachten niet acuut maar nemen ze in de loop van een aantal maanden geleidelijk toe. Er wordt pas aan de diagnose CML gedacht als bloedonderzoek een verhoogd aantal witte bloedcellen laat zien.  

Door de woekering van leukemiecellen komt de aanmaak van gezonde bloedcellen in het gedrang. Er ontstaan dan tekorten aan rode en gezonde witte bloedcellen en aan bloedplaatjes. Een patiënt met CML kan mede daardoor met de volgende klachten en verschijnselen te maken krijgen: 

  • moeheid;
  • verlies van eetlust;
  • gewichtsverlies;
  • een bleke huid;
  • temperatuurverhoging;
  • nachtelijk zweten;
  • botpijn;
  • een vol gevoel en misselijkheid door een vergrote milt of lever;
  • bloeduitstortingen in de huid;
  • soms een bijkomende infectie.

ONDERZOEK EN DIAGNOSE

Om de diagnose te stellen is naast lichamelijk onderzoek ook bloed- en beenmergonderzoek noodzakelijk. 

Bloedonderzoek

Het bloed van een CML-patiënt bevat een sterk verhoogd aantal witte bloedcellen. Een gezond mens heeft ongeveer 5 miljard witte bloedcellen per liter bloed, iemand met CML kan tot wel 250 miljard witte bloedcellen per liter bloed in zijn lichaam hebben. In het bloed kan een hematoloog ook het patroon van uitrijping van de witte bloedcel zien. Ben je gezond, dan heb je alleen normaal uitgerijpte cellen. Bij CML zitten er in je bloed ook cellen in alle voorstadia van de uitrijping. De hematoloog kijkt ook naar het aantal blasten (meest onrijpe cellen). Hoe hoger het aantal blasten, hoe hoger het risico op ontsporing van de CML. Verder kun je een te laag hemoglobinegehalte (Hb) hebben. Dat wil zeggen dat de patiënt last heeft van bloedarmoede. Het aantal bloedplaatjes kan normaal zijn, maar ook verlaagd of verhoogd. 

Beenmergonderzoek

Voor onderzoek van het beenmerg wordt een beenmergpunctie met hierbij een beenmergbiopsie gedaan, meestal aan de achterkant van het bekken. Het beenmerg wordt daarbij met een holle naald als vloeistof uit het binnenste gedeelte van het bot opgezogen en via dezelfde naald wordt een dun pijpje beenmerg weggenomen als biopt. Dat gebeurt onder plaatselijke verdoving. Toch is de ingreep helaas niet pijnloos, omdat binnen in het bot zelf niet verdoofd kan worden. De hele procedure duurt vijf tot tien minuten.

Het beenmerg wordt gekleurd en onder de microscoop bekeken. t. Bij een CML-patiënt vindt de hematoloog dan een zeer grote hoeveelheid cellen, waaronder veel jonge en onrijpe cellen. Daarnaast worden testen ingezet om de chromosoompatronen in het afgenomen beenmergmateriaal te bekijken. Hierbij wordt gezocht naar de aanwezigheid van een Philadelphiachromosoom.

PCR (polymerase kettingreactie)

CML ontstaat door een beschadiging in het DNA; een gedeelte van chromosoom 9 en een gedeelte van chromosoom 22 verwisselen van plaats (Philadelphiachromosoom). Hierdoor ontstaat een eiwit dat BCR-ABL wordt genoemd. Dit BCR-ABL-eiwit verandert de bloedcellen bij leukemie en maakt ze kwaadaardig. De zogeheten PCR-techniek kijkt naar de aanwezigheid van het BCR-ABL. De PCR-waarden zijn gekoppeld aan de hoeveelheid en de activiteit van de resterende leukemiecellen. PCR kan zeer kleine hoeveelheden BCR-ABL meten. 

De definitieve diagnose CML wordt bepaald door de aanweizgheid van het Philadelphia chromosoom of BCR-ABL eiwit. Er zijn dus ziektes die op CML lijken maar het niet zijn, zoals atypische CML. Daarnaast geeft de techniek ook de totale hoeveelheid aanwezige ziekte weer. Dit maakt het mogelijk om de hoeveelheid resterende leukemiecellen bij de patiënt tijdens de behandeling te volgen. Een PCR-test is uit te voeren op zowel bloed als beenmerg, maar wordt meestal op bloed gedaan. Meer over PCR.

Spanning en onzekerheid

Binnen een tot twee weken zijn de uitslagen van alle onderzoeken binnen en kan de diagnose CML definitief gesteld worden. Dan weet je als patiënt wat er met je aan de hand is. Totdat de diagnose definitief is heb je vast veel vragen over je ziekte, die de arts nog niet kan beantwoorden. Dat kan spanning en onzekerheid met zich meebrengen, zowel bij jou als bij je naasten. 

Het helpt als je weet wat er bij de verschillende onderzoeken gaat gebeuren. Die informatie krijg je niet altijd vanzelf. Vraag er daarom naar op de afdelingen waar de verschillende onderzoeken plaatsvinden. Stel ook je ongerustheid aan de orde als je met je dokter praat. Je kunt ook via Hematon contact opnemen met lotgenoten om over je zorgen te praten.

Drie fasen van CML

Bij CML wordt onderscheid gemaakt in drie fasen van de ziekte: chronische fase, acceleratiefase en blastcrisis. De ziekte start altijd in chronische fase, maar zal in de loop van de tijd overgaan naar acceleratiefase en uiteindelijk blastcrisis. Bij een blastcrisis is de ziekte niet meer chronisch, maar is sprake van acute leukemie. 
Bij diagnose is de ziekte bij de overgrote meerderheid van de patiënten (>95%) in de chronische fase. Dit moet middels bloed- en beenmergonderzoek vastgesteld worden. Met de huidige behandelingen kan vervolgens bij de meeste patiënten voorkomen worden dat de ziekte overgaat naar acceleratiefase of blastcrisis.

BEHANDELING

Als vastgesteld is dat je CML hebt, en de hematoloog heeft een precies beeld van je situatie, dan kan de behandeling beginnen. Soms wordt al een behandeling gestart voordat de diagnose helemaal zeker is. Dat gebeurt vooral als je klachten hebt door het hoge aantal witte bloedcellen. 

Expertisecentrum

Nederland kent een systeem met tien expertisecentra. Elk ziekenhuis kan een centrum raadplegen voor overleg en advies over hematologische zorg. Bij CML zou dat zeker moeten gebeuren, omdat het om een zeldzame aandoening gaat. Als er overleg is geweest met een expertisecentrum, wordt in het patiëntendossier aangegeven met wie en wanneer dat is gebeurd en wat de uitkomsten waren. De hematoloog zal je de resultaten van deze consultatie mededelen. Doet hij dat niet uit zichzelf, vraag er gerust naar.

Behandelplan

Als eerste stelt de hematoloog een behandelplan op. Dit gebeurt in samenspraak met jou als patiënt. En op basis van de richtlijn die de hematologen met elkaar afgesproken hebben in de landelijke medische behandelrichtlijn.

Zo'n behandelplan is erg belangrijk. Het is essentieel het plan goed met je behandelaar door te spreken. Realiseer je voortdurend dat het over jou gaat, dat je dus wat te zeggen en te beslissen hebt. De hematoloog is de deskundige, maar het is jouw ziekte en jouw lichaam. Laat je dus goed informeren, stel vragen en ga de spreekkamer niet uit voordat je een duidelijk beeld hebt van wat er komen gaat.

Behandeling

De komst van zogenaamde tyrosinekinaseremmers, TKI's, hebben de vooruitzichten voor mensen met CML sterk verbeterd. Deze middelen remmen het BCR-ABL-eiwit. In de meeste gevallen heeft imatinib (Glivec) de eerste voorkeur. Inmiddels zijn er veel meer tyrosinekinaseremmers die gebruikt kunnen worden bij CML: dasatinib (Sprycel), nilotinib (Tasigna), bosutinib (Bosulif) en ponatinib (Iclusig). Er is een nieuwe TKI in ontwikkeling, die nu nog alleen in wetenschappelijke studies wordt ingezet: asciminib.

De hematoloog beslist samen met jou welke TKI je krijgt. Volgens de huidige richtlijnen van de Nederlandse hematologen kan gestart worden met imatinib, bosutinib, dasatinib of nilotinib. Er is nog één andere TKI geregistreerd (ponatinib), maar deze wordt alleen gegeven als andere TKI's niet werken. Bij de keuze wordt rekening gehouden met kenmerken van de ziekte en eventuele andere bijkomende aandoeningen bij de patiënt.

Bij acceleratiefase of blastcrisis van CML zijn vaak intensievere behandelingen nodig,. Chemotherapie en stamceltransplantatie horen dan tot de mogelijkheden. Gelukkig is dit tegenwoordig nog zelden nodig.

Behandeling met interferon

Interferon is een eiwit dat in het menselijk lichaam voorkomt. Het kan echter ook in een farmaceutisch bedrijf nagemaakt worden. Vroeger werd het veel gebruikt bij de behandeling van CML, met enig succes. Maar sinds de komst van de TKI's is interferon niet meer zo hard nodig. Het heeft ook een aantal veelvoorkomende bijwerkingen.

Wel loopt er nog een onderzoek of interferon misschien gecombineerd kan worden met middelen als imatinib voor een beter resultaat. Ook wordt interferon soms gebruikt bij patiënten met CML die zwanger zijn; het kan namelijk veilig gebruikt worden tijdens de zwangerschap, in tegenstelling tot de TKI's.

Controles en mijlpalen

De testuitslag van PCR is eenvoudig met eerdere testresultaten te vergelijken. Het is vaak de enige test die CML-patiënten informatie geeft over de mate en stabiliteit van hun respons op de behandeling. Lees meer over controles en mijlpalen.

Bijwerkingen

De behandeling met medicijnen zorgt er, als het goed is, voor dat de CML aangepakt en teruggedrongen wordt. De medicijnen kunnen soms vervelende bijwerkingen hebben. Omdat je de pillen elke dag moet nemen kunnen ook minder ernstige bijwerkingen heel vervelend zijn. Praat erover met je behandelaar, als je last van bijwerkingen hebt. Ook als je er niet zeker van bent of ze van de medicijnen komen. Blijf er niet mee tobben.

Bijwerkingen kunnen reden zijn om de dosis te verlagen of om over te stappen op een van de andere middelen. Doe dat altijd in overleg met de hematoloog. Stop niet uit jezelf met de medicatie.

Therapietrouw

Bij de behandeling van CML is het erg belangrijk dag je elke dag je pil of pillen inneemt. Uit onderzoek komt naar voren dat drie keer per maand een pil niet nemen de kans om goed op de behandeling te reageren sterk verkleint. Lees meer over therapietrouw.

Stoppen met medicatie

Recent is gebleken dat een deel van de patiënten die langere tijd behandeld is met een TKI kan proberen te stoppen met deze behandeling. Lees meer over stoppen met medicatie.

Stamceltransplantatie

Een heel klein aantal CML-patiënten krijgt een allogene stamceltransplantatie. Dat kan een optie zijn als geen enkele andere behandeling succesvol is. Of een patiënt hiervoor in aanmerking komt, hangt af van zijn leeftijd en conditie.

Vooruitzichten

Door de TKI’s zijn de vooruitzichten van CML-patiënten sterk verbeterd: na vijf jaar leeft nog 90% en voor hen is ook de langetermijnprognose uitstekend. Maar CML is nog altijd een ongeneeslijke ziekte. Het lukt nog steeds niet om álle leukemiecellen uit het lichaam te krijgen. De medicijnen kunnen de ziekte wel heel effectief en duurzaam onderdrukken, waardoor veel patiënten een normale levensverwachting kregen.

Weten

nieuws over leukemie

Delen

ervaringen en lotgenotencontact

  • Bart

    'De mogelijkheden zijn bijna eindeloos.' Voor vrijwel iedereen. Maar...
  • Bart

    'Van het Binnenhof, natuurlijk. Van het persvak. Van wachten achter...

Delen

lees de ervaringen van bloggers met leukemie

  • Leukemie

    Minder spannend

    ‘Weet je wat het is’ zei een oud-collega tijdens een lunch bij een eetcafé in het dorp, ‘ik kijk minder vaak of je iets nieuws geschreven hebt. Niet alleen omdat je minder schrijft, maar – en ik hoop dat je niet verkeerd opvat – het is ook minder spannend geworden.’

  • Leukemie

    Live goes on

    Vandaag ben weer op controle geweest en ondanks dat ik nog steeds last van een verkoudheid heb en me geregeld moe voel, waren mijn bloeduitslagen helemaal oké.

  • Leukemie

    Remissie

    Vanmorgen zijn we in het ziekenhuis voor een consult geweest en het is allemaal een stuk positiever dan er 3 weken geleden werd ingeschat op basis van de standaard bloedcontrole. 

Ontmoeten

kom naar één van onze bijeenkomsten

Ontmoeten

lees de verslagen van bijeenkomsten