Nieuws

Vaccinatie vóór afweeronderdrukkende therapie werkt

Herhaalde vaccinaties bij patiënten die een afweeronderdrukkende therapie moeten ondergaan, kunnen infectieziekten voorkómen.

Injectiespuiten

Dit blijkt uit een overzichtsartikel in Blood Reviews. Onderzocht zijn infecties met pneumococcen, streptococcen en haemophilusbacteriën, die vaak leiden tot longontstekingen.
De conclusie van de auteurs is dat vaccinaties tegen deze bacteriën en tegen het influenzavirus (griep) zinvol zijn, als ze gegeven worden vóór een behandeling met afweeronderdrukkende therapie, bijvoorbeeld een anti-B-celtherapie met rituximab (Mabthera) of ofatumumab (Arzerra). Ook bij de afweeronderdrukkende therapie bij stamceltransplantatie is het nuttig om te vaccineren tegen genoemde bacteriën. Het is daarbij aan te bevelen om de vaccinatie een aantal keer te herhalen.
Vaccineren met levende (verzwakte) vaccins, is bij deze patiënten absoluut schadelijk en dus uit den boze.
De auteurs bevelen onderzoek naar de werkzaamheid van vaccinaties aan bij nieuwe therapieën. Ook als er nieuwe vaccins komen verdient het aanbeveling om de werkzaamheid bij patiënten met hematologische vormen van kanker vast te stellen.
Joost Lips, wetenschapsredacteur van Hematon, heeft enkele jaren geleden een literatuurstudie naar dit onderwerp gedaan. Ook hij kwam tot de conclusie dat vaccinatie zin heeft bij vrijwel alle patiënten met een vorm van bloedkanker. Maar dan wél zo snel mogelijk na de diagnose. De afweer is dan meestal nog redelijk op peil en de kans is dan het grootst, dat vaccinaties voldoende antistoffen tegen infecties opleveren.