Vaccinatie: werkzaamheid, antistoffen en testen

Beeld Fernando Fhimina Hematon Nieuws

Door vaccinaties wordt een deel van de patiënten met een hemato-oncologische ziekte beschermd. Maar welk deel? En hoe zit het precies met antistoffen? De achterban van Hematon vroeg of we duidelijker konden berichten over bescherming, vaccinatie, afweerstoffen en testen.

Toen tijdens de coronapandemie de eerste vaccins kwamen, was het nog onbekend of deze zouden werken bij mensen met bloed- of lymfeklierkanker. Artsen verwachtten dat het afweersysteem van patiënten door de ziekte én door de medicatie tegen kanker minder goed zou reageren op de vaccinatie. Zij zouden, ondanks het vaccin, daarom extra kwetsbaar blijven voor een coronabesmetting.  

In de COBRA-KAI studie, gedaan door diverse onderzoekers van academische ziekenhuizen in Nederland, wordt die verwachting sinds maart 2021 onderzocht. Uit de studie zijn inmiddels diverse resultaten bekend.  

Het meest recente en positieve nieuws is dit: een groot deel van de patiënten blijkt na de derde vaccinatie alsnog voldoende afweer op te bouwen. Veel patiënten met een hematologische aandoening hebben na de derde prik even goede antistofconcentraties bereikt als gezonde volwassenen na twee vaccinaties. 

Uiteraard roept dit nieuwe vragen op. Want een deel van de patiënten bouwt dus geen afweer op, welk deel is dat? En waarom niet? En: hoe zit het met antistoffen en testen? 

Niet elke patiënt met kanker maakt na vaccinatie antistoffen aan, klopt dat? 

Ja. Er zijn grote verschillen tussen individuen. Zo maakt driekwart van de patiënten met multipel myeloom (ziekte van Kahler) in de studie wél goede afweerstoffen aan, maar een kwart van hen niet. Dit verschil komt door je medicatie, je persoonlijke ziektegeschiedenis, hoe fit je bent en op welk moment je zit van de behandeling. Je behandelend arts kan dus wel ‘globaal’ vertellen hoe het vaccin werkt voor de hele groep mensen met dezelfde ziekte als jij, maar niet voor jou persoonlijk.  

Wat zijn de resultaten per groep? 

Of het vaccin werkt, verschilt sterk per soort hematologische kanker. De onderlinge verschillen zijn (helaas) groot. De mensen met lymfeklierkanker met rituximabbehandeling of CAR-T-behandeling, en CLL-patiënten met ibrutinib in combinatie met venetoclaxbehandeling blijken het minst goed te reageren op de covidvaccinatie. Wel hebben deze patiënten vaak een T-cel respons.

Zijn er meer vaccinatievoorbeelden te geven per groep ? 

  • 100 procent van de mensen met CML (chronische myeloïde leukemie) die onder behandeling zijn, reageert goed op de vaccinatie. Hun lichaam maakt dus altijd voldoende antistoffen aan na een vaccinatie.  
  • 85 procent van de mensen die een allogene stamceltransplantatie hebben gehad,  heeft na een derde prik voldoende antistoffen. 
  • Bij patiënten met lymfeklierkanker die worden behandeld met rituximab is dat percentage erg laag; maar 23 procent heeft na de derde vaccinatie voldoende antistoffen. Als de behandeling met rituximab is gestopt kan het afweersysteem herstellen, en vanaf ongeveer 6 tot 8 maanden na het stoppen van rituximab- (of obinutuzimab)behandeling kunnen zij weer voldoende antistoffen maken. 

Waarom maak je soms wel en soms geen antistoffen aan? 

Dat weten medisch onderzoekers (helaas) nog niet precies per patiëntgroep. Maar bij de groep patiënten die rituximab gebruiken is het wel duidelijk; door deze medicatie hebben zij geen B-cellen meer. Terwijl dat juist de cellen zijn van je afweersysteem die antistoffen moeten produceren na vaccinatie. Bij andere patiënten is het minder duidelijk. Daarvoor is verder onderzoek nodig. 

Als je een hematologiepatiënt bent, kun je dus niet blind vertrouwen op het vaccin? 

Klopt, je moet meer oppassen tegen een virusbesmetting dan anderen. Probeer minder handen te schudden, handhaaf de anderhalvemeter-regel zo veel mogelijk en draag een mond-neusmasker op drukke plekken. Maar het is het óók zo dat het vaccin veel meer patiënten beschermt dan van te voren was verwacht. Een arts zal dus toch je aanraden een vaccin te nemen, zelfs als je middenin een behandeling zit. 

Als je weet dat je geen antistoffen kan maken, heeft het dan zin je te laten vaccineren? Want hoe zit het bijvoorbeeld met T-cellen?

De belangrijkste, en meest gebruikte maat voor het meten van bescherming tegen COVID-19, zijn de antistoffen in het bloed. Maar vaccinatie tegen en infectie met COVID-19 activeren ook andere cellen van het afweersysteem, zoals de T-cellen. Er zijn aanwijzingen dat patiënten die géén antistoffen maken, maar wél goede T-celactiviteit hadden na vaccinatie, toch deels beschermd zijn tegen een ernstig beloop van COVID-19. Daarom raden artsen altijd een vaccinatie aan. De functie van deze T-cellen na vaccinatie is niet makkelijk te meten, en die wordt in een commerciële test niet getest. 

Bij vaccinatie wordt er veel gesproken over antistoffen, maar zijn die ook te testen? 

Ja, in principe zijn die te testen, maar alleen een korte tijd na de vaccinatie. Als een vaccin werkt, maakt je lichaam antistoffen aan. Die hoeveelheid antilichamen loopt na vaccinatie bij ieder mens weer terug in je lichaam. Daarom is het belangrijk dat je je opnieuw, met minimaal een tussentijd van 3 maanden, laat boosteren. Bij een test kan het zijn dat er geen antistoffen worden aangetroffen in het bloed. Dat kan komen omdat de vaccinatie te lang geleden is of omdat je door je ziekte of medicatie sowieso niet reageert op het vaccin.  

Als patiënt kun je niet in het ziekenhuis een test laten uitvoeren voor antistoffen. Maar er zijn wel commerciële tests te koop. Wat is de waarde van die tests? 

Artsen raden deze commerciële tests af, omdat met de uitslag een patiënt nog steeds niet goed weet of hij of zij beschermd is tegen corona. 

  • In de commerciële tests is het niet mogelijk alle antistoffen in je bloed te bepalen na de vaccinatie.  
  • De meeste testen meten alleen óf je bepaalde antistoffen hebt, maar je hebt dan geen idee of dat veel of weinig is. Het zegt dus niets in hoeverre je beschermd bent tegen COVID-19. 
  • Ook T-cellen zijn na vaccinatie belangrijk om je te beschermen tegen een ernstig verloop van corona. Maar die worden niet gemeten in deze testen. Als je dus geen antistoffen blijkt te hebben, kan het wel zo zijn dat je goede T-cellen hebt en via die weg een beetje beschermd bent. 
  • Het is nog onbekend of de waardes in die commerciële testen te vergelijken zijn met die waardes die onderzoekers hanteren. 

Misschien zijn er in de toekomst wel testen die goed kunnen aantonen of je voldoende antistoffen hebt. Dat zal Hematon natuurlijk ook in de gaten houden. 

Kan ik als patiënt een test krijgen bij mijn internist of hematoloog? 

Nee. Ziekenhuizen bieden (nog) geen test aan, omdat er nog geen betrouwbare, universeel toepasbare test is die laat zien of je genoeg beschermd bent.   

De COBRA-KAI studie

  • In de Nederlandse COBRA-KAI studie wordt de werking van de COVID-19-vaccins op patiënten met een hematologische ziekte onderzocht.   
  • De COBRA-KAI-studie is uitgevoerd door onderzoekers van Amsterdam UMC samen met Erasmus MC en UMC Groningen. Al sinds de start van de vaccinaties tegen COVID-19 onderzoekt deze studie of mensen met een hematologische ziekte zoals lymfeklierkanker of bloedkanker baat hebben bij vaccinatie tegen corona. 
  • Het bericht is nagelezen door prof. dr. Mette Hazenberg en dr. Inger Nijhof (Amsterdam UMC). 

Lees ook:  

Met een bloedziekte goed beschermd door extra covidvaccinatie - Hematon nieuws

Wel gevaccineerd niet beschermd tegen covid-19 Hoe zit dat? - Hematon nieuws

Kijk ook naar het webinar: Leven met corona en een hemato-oncologische ziekte 

Meest gelezen

Meest recente artikelen